nl

Een stijve grote teen

Algemeen: Het gewricht van de grote teen is erg belangrijk, de grote teen speelt een grote rol bij de afwikkeling van de voet en uiteindelijk bij het afzetten van de voet. Als we tijdens lopen goed over de grote teen lopen en goed afzetten, lopen we het meest efficiënt.  Helaas kan het gewricht van de grote teen verstijven, dit is vaak een langzaam proces. Klachten van een minder soepele grote teen komt veel voor en niet alleen bij oude mensen! De grote teen kan zo stijf worden  dat een normale afwikkeling van de voet niet meer mogelijk is. Soms wordt het teen gewricht dik, dit komt omdat het lichaam probeert het ‘gewrichtsoppervlak’ groter te maken. Dan ontstaan er uitsteeksels aan het bot (osteofyten), die uitsteeksel breken soms af en dan zitten er losse botstukjes in het gewricht. Klachten die optreden zijn pijn, zowel bij lopen maar soms ook in rust. De zwelling zit vaak aan de bovenzijde van het gewricht. Wanneer het looppatroon veranderd kan dat klachten geven, pijn aan de buitenzijde van de voet en zelfs pijnklachten aan de hiel! Dit komt omdat de druk onder de voet bij het lopen veranderd wanneer de grote teen niet meer meedoet.

Oorzaak

De oorzaak van de stijfheid van de grote teen is divers: dit kan ontstaan na een ongeval, bijvoorbeeld een gebroken teen, het kan komen door een systeemziekte; bv jicht of rheumatoide arthritis maar het kan ook het gevolg zijn van het vastlopen van de lange buiger van de grote teen. Soms is er op de foto bijna geen slijtage te zien maar toch is de teen stijf, dit komt vaak voor bij jonge mensen, soms al op 16 jarige leeftijd. Wat dan belangrijk is bij de grote teen is het onderscheid tussen twee soorten stijfheid. De functionele stijfheid van de grote teen en de structurele stijfheid van de grote teen. Met de functionele stijfheid wordt bedoelt dat de grote teen wanneer het been afhangt wel beweegt maar zodra de druk van de grond komt stijf is. Hierdoor is het lopen lastig, dan drukt de grond tegen de middenvoetsbeentjes aan en ontstaat er stijfheid. Dit onderscheidt is ontzettend belangrijk omdat de behandeling van de twee soorten stijfheid anders is. Soms is de structurele stijfheid wel het gevolg van de functionele stijfheid.

Functionele stijfheid van de grote teen; Deze ontstaat doordat de pees die aan de grote teen vast zit er te hard aantrekt. De pees de lange buiger van de grote teen, trekt de grote teen richting de grond. Om dan toch nog te kunnen lopen, ketst het gewricht aan de bovenzijde steeds tegen het bot.

Structurele stijfheid van de grote teen: Bij slijtage ontstaat er extra bot we noemen dat osteofyten. Dit is vaak de rand die zichtbaar is bij de grote teen. Daarnaast verdwijnt het kraakbeen. Uiteindelijk kan het gewricht helemaal niet meer glijden en staat continu geblokkeerd.

Aanvullend onderzoek: om de diagnose te kunnen stellen is natuurlijk een lichamelijk onderzoek nodig: hierbij letten we onder andere op het looppatroon, de beweging van de enkel en de beweging van de grote teen. Ook zal er een röntgenfoto gemaakt worden om de mate van slijtage van de grote teen te beoordelen. En afhankelijk of er gedacht wordt aan een functionele stijfheid van de grote teen zal ook een MRI scan van de enkel gemaakt worden.

Behandeling

Conservatief beleid: Wat  mogelijk is hangt af van de klachten, opties zijn over het algemeen, een afwikkelvoorziening  van de schoen ( veel wandelschoenen hebben een dergelijke afwikkelvoorziening)  een steunzool en  rekoefeningen.

Operatieve mogelijkheden: Wanneer er alleen een structurele stijfheid is, zoals bijvoorbeeld na een ongeval is een operatie waarbij de teen wordt vastgezet een goede optie: arthrodese van het grote teen gewricht, tijdens de operatie wordt het gewricht met schroeven of een plaatje vastgezet. Daarna moet het gewricht vastgroeien.

De nabehandeling: De eerste week krijgt u een drukverband, hier mag u niet op staan! Na een week wordt er op de gipskamer voor 6 weken een gipschoen aangelegd ( dit is een gips tot net boven de enkel)  hiermee mag u belasten op geleide van de pijn.  Helaas is soms na 7 weken het gewricht niet goed genoeg vast gegroeid dan is een langere gipsperiode soms een optie. Soms groeit het gewricht helemaal niet vast en is een tweede operatie nodig. Na de operatie staat de teen een beetje omhoog, zodat u goed over de teen kan afrollen ook wordt de teen korter. Een nadeel van het vastzetten is dat het gewricht in 1 stand staat, lopen op een hogere hak kan dan moeilijk zijn, ook veranderd het looppatroon een beetje. Gelukkig zijn de meeste patiënten zijn na deze ingreep erg tevreden over het resultaat: de pijn is verdwenen.

Functionele stijfheid met een structurele component: Zowel de lange buiger van de grote teen staat te strak ook is er enige kraakbeenschade van de grote teen. Bij deze combinatie is het goed om te beoordelen hoeveel beweging er nog in het grote teen gewricht aanwezig is. Bij voldoende beweging is het een optie om een gewricht sparende operatie uit te voeren. Met andere woorden de operatie is erop gericht dat de grote teen weer gaat bewegen. 

De operatie bestaat meestal uit 3 delen: 1 kijkoperatie om meer ruimte te geven aan de lange buiger van de grote teen. Dit is een operatie die via de achterzijde van de enkel wordt uitgevoerd. Een kijkoperatie van de enkel is een wat misleidende term, het is niet alleen kijken maar ook doen. Voor deze operatie worden 2 sneetjes aan de achterzijde van de enkel in de huid van minder dan 1 cm gemaakt. Via het ene sneetje gaat een camera naar binnen en via het andere sneetje instrumenten om de operatie mee uit te voeren. Om te kunnen opereren wordt er vocht in de enkel gepompt zo ontstaat er wat meer ruimte. Met speciale instrumenten worden de verklevingen rondom de pees verwijderd en vaak wordt het kanaal waardoor de pees loopt wat wijder gemaakt door een randje van het bot weg te frezen. 2: er wordt aan de zijkant van de voet, bij de bult van de grote teen een snee gemaakt van ongeveer 6 cm:  het overtollige bot wordt verwijderd. 3: om minder druk te krijgen op het zwakke deel van het gewricht kan een wigje (een taartpuntje) uit het kootje van de grote teen worden gehaald. Hierdoor kan de grote teen makkelijker omhoog bewegen. Het nadeel van de operatie is het herstel u moet veel oefenen om de teen beter te laten bewegen. Daarnaast is er al slijtage van de teen, de slijtage zal  door de ingreep niet verdwijnen maar door de betere beweging en betere belasting van de grote teen gaat de pijn over het algemeen wel weg. Het grote voordeel van de ingreep is dat de beweging herstelt en daardoor verbetert ook het normale looppatroon.  Mocht het resultaat uiteindelijk tegenvallen kan de teen alsnog worden vast gezet. Na deze operatie is ongeveer 80% tevreden over het uiteindelijk behaalde resultaat.

Nabehandeling:

In het algemeen: u loopt met krukken zolang dat nodig is voor de pijn. U mag de eerste 4 weken de tenen wel naar u toe trekken maar niet actief van u afbuigen! Dus NIET proberen om met de tenen iets van de grond te pakken. Dag 1 tot en met week 2: In rust het been goed hoog houden. En 3 maal daags 5 minuten koelen met een ijs zak. Oefeningen die u zou moeten doen:

1: met een handdoek de voet naar u toe trekken zover mogelijk dit 10 tellen vast houden en weer loslaten, deze oefening doet u 10 keer achterelkaar.

2: Om de spieren van het been te trainen is het verstandig om het been gestrekt op te tillen en 10 tellen vast te houden ook dit 10 maal 10 tellen doen ieder uur.

3: met een handdoek om de voet/hiel en dan afwisselend met de linker arm trekken dan loslaten en daarna met de rechter arm trekken probeer enige spanning te houden op de handdoek.

4: kniebuigingen makenmet de hakken op de grond 10 keer

5: de grote teen (met uw hand) naar u toe trekken 10 keer en dan 5 tellen vasthouden

De eerste 2 weken  overdag in ieder geval elk uur (niet wanneer u slaapt).

Na ongeveer 14 dagen krijgt u een afspraak voor de wondcontrole dit is op de gipskamer, u krijgt GEEN gips. Wanneer de wond er goed uitziet start u met de fysiotherapie. Na 14 dagen moet u niet meer op de loopzool gaan lopen maar op uw eigen schoenen. Probeer in huis zoveel mogelijk op blote voeten of sokken te gaan lopen. Buitenshuis op soepele schoenen, waarbij er een normale afwikkeling mogelijk is.  Probeer de eerste 3 maanden geen steunzolen  te gebruiken, de voet moet een nieuwe balans vinden. Na 14 dagen start u met de fysiotherapie:

Week 2 tot en met 6: Het is belangrijk om door te gaan met de kniebuigingen en rekoefeningen van de grote teen minimaal 3 maal per dag 10 maal. Ook is het verstandig nog 2 maal per dag 5 minuten te koelen met een ijszak Daarnaast mag u starten met balans oefeningen:

1: het staan op een been( het geopereerde been, ga wel zo staan dat u zich makkelijk kunt opvangen. ( bijvoorbeeld aan het aanrecht)). U moet proberen 10 tellen op het been te staan en dit tot 5 maal toe te herhalen 3 maal per dag.

2: op de tenen te gaan staan met beide voeten 10 tellen vast te houden en weer laten zakken, dit 10 maal herhalen en 3 maal per dag.

Week 7 tot en met 12:  in deze periode is het belangrijk om te letten op een goede afwikkeling: probeer de loopafstand op te bouwen. Ook zal er nog wel enig krachts verlies van het been zijn en kan deze nog stijf zijn. Blijf minimaal 2 maal per dag de rekoefeningen van de grote teen en de kniebuigingen doen.

Complicaties:

Omdat er al slijtage in het grote teen gewricht aanwezig is, zal de teen nooit meer zo goed worden. Er treedt een goede verbetering op maar het gewricht wordt niet meer normaal! Er kunnen dus ook aanhoudende klachten door de reeds aanwezige slijtage blijven bestaan.